Interactief voorlezen in de praktijk

Actueel Marant aanbod

Interactief voorlezen
U wilt het effectief gebruik van goede kinderboeken stimuleren. U heeft behoefte aan meer mogelijkheden om het taalgebruik en het begrip van taal bij de kinderen te stimuleren. U wilt deze vaardigheid als standaard in uw team verankeren.
Lees verder >>

Digitale prentenboeken / levende prentenboeken
U bent overtuigd van het nut van prentenboeken, maar dat deze soms maar kort verkrijgbaar zijn. U weet uit ervaringen van elders waarin het gebruik van prentenboeken- op-de-computer een welkome aanvulling was. U bent van mening dat het gebruik van de computer een normale zaak is, ook bij zeer jonge kinderen; daarom zoekt u naar verantwoorde mogelijkheden om peuters met de computer te laten werken.
Lees verder >>

Werken met de verteltafel
U bent op zoek naar aantrekkelijke manieren om kinderen te ondersteunen en te stimuleren in hun taalontwikkeling. U wilt uitdagende situaties creëren, waarin kinderen zelf, alleen of met anderen, worden uitgelokt tot taalgebruik. U weet dat kinderen niet alleen moeten worden aangesproken via het auditieve kanaal: daarom wilt u uw repertoire uitbreiden met visuele en handelingsgerichte vormen en activiteiten.
Lees verder >>

Margreth van Kleef. - Frappant 31 april 2007

Ook in dit schooljaar zijn er scholen die‘ interactief voorlezen’ als begeleidingsonderwerp hebben gekozen. Niet alleen voor invoering binnen het onderwijs aan kleuters, maar ook uitgebreid tot en met voorlezen in groep 4. Niet in plaats van ‘gewoon’ voorlezen (letterlijk voorlezen zonder onderbrekingen), maar ernaast, als een specifieke aanpak. De keuze hiervoor past binnen een ontwikkelingsgerichte werkwijze met kinderen.

De methodiek van interactief voorlezen speelt doeltreffend in op behoeften van zwakke en minder taalvaardige leerlingen en biedt tegelijkertijd ook uitdagingen voor andere leerlingen. Door haar organisatievorm, zowel in een klein groepje kinderen als in de totale groep, en het voordeel van afstemming en herhaling, is interactief voorlezen een stimulerende onderwijsactiviteit. Het voorlezen in de grote groep is hier ingericht als een gezamenlijke taal-denkactiviteit, en is beslist geen luisteractiviteit over de hoofden van kinderen heen. Vervolgactiviteiten zijn zo gekozen dat leerlingen hiermee aan doelen werken, waarmee hun mondelinge en schriftelijke vaardigheden toenemen. Het is een werkwijze om taal op een plezierige manier te stimuleren en te verdiepen. Kinderen valt het meteen op als hun leerkracht interactief gaat voorlezen. Ze worden betrokken bij het voorlezen. Van passieve luisteraars veranderen ze steeds meer in actieve deelnemers.

In groep 3 voert Eugenie in een klein groepje een voorbereidende leesactiviteit uit aan de hand van het boek ‘Ik duim voor jou’. De overige kinderen werken zelfstandig aan eigen taken. Hetzelfde boek komt na de kleine groep, later op de dag, ook in de hele groep aan de orde. Op een klein whiteboard heeft Eugenie van tevoren enkele belangrijke uitdrukkingen genoteerd, die ook in het verhaal voorkomen. Bijvoorbeeld: ‘Wout dut in’ en ‘Rien giert het uit’. Op het tafeltje naast haar liggen een oude sok met een gat erin, een zakje zout en een potje met suiker. In haar voorbereiding heeft Eugenie bepaald wat zij met de activiteit beoogt en dat het ongeveer een kwartier mag duren. In het groepje zitten kinderen, die zij extra aandacht wil geven. Ze wil bij de kinderen interesse wekken voor de inhoud van het verhaal, door met hen over de platen te praten en belangrijke woorden en uitdrukkingen te verduidelijken. Met de concrete voorwerpen laat ze kinderen het probleem en een mogelijke oplossing ervaren. En ze doet dit, niet onbelangrijk, met een flinke dosis humor.

In het team van de leerkracht in het voorbeeld, hebben alle leerkrachten van groep 1 tot en met groep 4 inmiddels twee bijeenkomsten over interactief voorlezen gevolgd. Hierin is besproken dat interactief voorlezen een bepaalde voorbereiding vereist. Boekkeuze, selectie van woorden en van voorwerpen, illustraties en de manier van vragen stellen moeten vooraf worden bepaald en afgestemd zijn op de groep. De leerkrachten hebben geleerd om na te denken over de doelen van hun leesactiviteiten. Ze weten inmiddels wat belangrijke vaardigheden zijn, om met kinderen over de inhoud van een boek in gesprek te gaan en welke hulpmiddelen zij hierbij
kunnen inzetten. Tijdens een praktijkdag, waarop alle betrokken leerkrachten geobserveerd worden op
hun voorleesactiviteit, laten leerkrachten zien hoever zij zijn gevorderd met interactief voorlezen.
In de aansluitende bijeenkomst kunnen zij heel praktisch leren van elkaars ervaringen. En ook de directeur en interne begeleider leren mee. Zij zijn zowel betrokken in de voorbereiding van bijeenkomsten als de klasbezoeken over interactief voorlezen.

Reactie van directeur Ben Hollander van Josefschool te Huissen
‘Het is prachtig om te zien hoe het interactief voorlezen, dat eerst in de teamvergadering uitgebreid besproken (en geïnstrueerd) is, in de praktijk aanslaat. Kinderen van groep 1 t/m 4 hangen aan de lippen van de juf en zijn zeer geboeid door, en actief betrokken bij het verhaal. Door het stellen van denk- en verhelderingsvragen krijgen de kinderen een actieve rol bij het interactieve voorlezen. Dit verhoogt de betrokkenheid van de kinderen in grote mate. In de teamevaluatie direct na de praktijkdag, blijkt dat leerkrachten zelf erg genieten van de activiteit en er de meerwaarde van inzien (zoals preteaching). Leerkrachten stimuleren elkaar, brengen elkaar op ideeën en zijn gemotiveerd deze activiteit in hun vaste programma een plaats te geven. Als directeur is het geweldig om te zien hoe leerkrachten én leerlingen met zoveel enthousiasme samen aan het werk zijn.’

Wilt u meer informatie of een afspraak maken?
Neem dan contact op met uw contactpersoon of met een van de regiomanagers
Jacqueline Kenter
Wilma van de Venn
Adviseurs in leren & ontwikkeling
Zoek
Nieuwe Aamsestraat 84a
Postbus 198, 6660 AD Elst
T (0481) 43 93 00
F (0481) 37 49 11
post@marant.nl