Leesverbetertraject De Hien

Op dit thema gespecialiseerde adviseurs

Saskia van Ingen en Frans Kirkels. - Frappant 37 januari 2009

In 2005 formuleerde het team van Christelijk Nationale Basisschool De Hien in Dodewaard als ambitie: het terugdringen van het aantal D en E scores bij het voortgezet technisch lezen. In dit artikel doen intern begeleider Saskia van Ingen en Frans Kirkels, leesspecialist bij Marant, verslag van de afgelegde route en de tot nu toe bereikte resultaten.

De route

Zelfstandig werken
In 2004 en 2005 werd veel aandacht besteed aan zelfstandig werken, een belangrijke voorwaarde om gedifferentieerd leesonderwijs te kunnen geven. Bij het vastleggen van de afspraken met gebruikmaking van de werkwijze van KIK (Kwaliteit In Kaart), speelde directeur Winefred Witvliet een belangrijke rol. Zij observeerde bij alle leerkrachten een aantal lessen en besprak die na, met name gericht op het verbeteren van leerkrachtvaardigheden.

Effectieve instructie
Met ondersteuning van Marant is men gaan werken met het model Directe Instructie. Lesdoelen worden hiermee voor kinderen duidelijk aangegeven. Ze kunnen daarna zelfstandig aan het werk, en voor wie dat nodig heeft, is er meteen ruimte en tijd aan de instructietafel om extra instructie te krijgen. Ook wordt kinderen geleerd te reflecteren op hun eigen leergedrag.

Een goede methode voor Voortgezet Technisch Lezen
In het schooljaar 2005-2006 heeft het team de keuze gemaakt voor een nieuwe methode. Dit vanwege de overtuiging dat technisch lezen een belangrijke voorwaarde is om tot goed begrijpend lezen te komen. Er was tot dan toe geen doorgaande Lijn voortgezet technisch lezen. Elke leerkracht hanteerde daarbij een eigen werkwijze. Dit ontbreken van continuïteit leidde tot grote niveauverschillen tussen leerlingen binnen eenzelfde groep. Dit werd pijnlijk zichtbaar tijdens de herfstsignalering met behulp van de toetsen AVI en DMT. Ook kwam het voor dat kinderen na acht jaar leesonderwijs de Hien verlieten met een ontoereikende leesvaardigheid. Aanleiding genoeg, kortom, om een leesverbetertraject uit te zetten. Kernmerken van goed leesonderwijs werden geformuleerd, evenals ambitieuze en realistische doelstellingen. Uitgangspunt daarbij was de overtuiging dat ieder kind kan leren lezen, ook op De Hien.

De methode Estafette
Een keuzetraject, leidend naar een nieuwe methode, werd afgelegd. Methodes werden getoetst aan criteria, op zicht gevraagd, uitgeprobeerd en geëvalueerd. De keuze viel tenslotte op Estafette. Belangrijk argument hiervoor was dat deze methode niet aanbodgestuurd is, maar aansluit bij wat kinderen aan leesonderwijs nodig hebben. Het materiaal is aantrekkelijk van uitvoering en differentiatie is, hoewel niet eenvoudig, goed mogelijk. De methode maakt het mogelijk te werken met vier verschillende niveaus, waarvan er twee intensieve begeleiding krijgen. Naast het lezen in instructiegroepjes is zelfstandig werken goed mogelijk. Hierbij zijn leeskaarten, kopieerbladen en oefenmogelijkheden op de computer waardevolle hulpmiddelen.

Begeleiding bij invoering
Bij de implementatie van de methode werd, onder deskundige begeleiding van Frans Kirkels, uitgebreid aandacht besteed aan de uitgangspunten en werkwijze met de bijbehorende materialen. Praktisch oefenen stond daarbij centraal. Voor het vergroten van de leerkrachtvaardigheden zijn daarbij klassenbezoeken afgelegd door Saskia van Ingen en Frans Kirkels. Winefred Witvliet was actief aanwezig bij alle teamvergaderingen tijdens het invoeringstraject, en vulde samen met de intern begeleider en de adviseur van Marant een KIKkaart in voor de borging van het leesonderwijs volgens de aanpak van de gekozen methode. Inmiddels kunnen we zeggen dat we heel tevreden zijn over de bijdrage die Estafette ons biedt bij het verbeteren van ons leesaanbod.

Werken met Estafette
Aan het begin van het schooljaar worden de kinderen in niveaugroepjes ingedeeld. Voor de niveaubepaling wordt gebruik gemaakt van de AVI en DMT scores. Het aantal instructie-afhankelijke groepjes wordt daarbij zo klein mogelijk gehouden, zodat alle kinderen voldoende instructie- en oefentijd krijgen. De gemiddelde leestijd per week bedraagt in groep 4, viermaal 30 minuten, met voor zwakke lezers een uur extra. Voor groep vijf bedraagt die tijd driemaal dertig minuten, met een uur extra voor zwakke lezers. Hierbij wordt als doel gesteld dat de kinderen per schooljaar drie AVI-niveaus vooruitgaan. Dat komt erop neer dat kinderen in 12 lesweken leesonderwijs een AVI niveau op
beheersingsniveau stijgen. Voor het meten van de voortgang wordt, het is eerder gezegd, gebruik gemaakt van zowel methodegebonden toetsen als de AVI en DMT toetsen.

De stand van zaken en de resultaten

  • In de kleutergroepen wordt gebruik gemaakt van Schatkist, het Protocol Dyslexie en Leesproblemen en de map Fonemisch Bewustzijn. Daarnaast wordt gewerkt met prentenboeken en leeskisten. Leerkrachten hebben zelf een uitgebreide observatielijst ontwikkeld voor het volgen van de ontluikende geletterdheid van de kleuters.
  • Tijdens het schooljaar worden alle leerlingen van groep 1 tot en met 8 nauwlettend gevolgd om zodoende in een vroeg stadium risicolezers en/of uitvallers te signaleren.
  • Op onze school lezen we tweemaal Estafette per week. Niveaugroepjes uit verschillende jaargroepen zitten bij elkaar in een leesgroep. De leerlingen die lezen op niveau 3 en 4 hebben geen instructie nodig, en lezen zelfstandig met verschillende werkvormen en verschillende materialen.

Het begrijpende lezen is van het rooster in groep 4 gehaald. Deze tijd wordt besteed aan het voortgezet technisch lezen. Verder is het leesonderwijs uitgebreid met minimaal viermaal per week dagelijks een half uur stillezen tussen half negen en negen uur. Deze tijd wordt door de leerkracht benut om zwakkere lezers te begeleiden. Hierbij wordt, naast het extra materiaal behorend bij Estafette, gebruik gemaakt van Klipper, Connect-lezen en Rafi-lezen. Voor de laatste twee is een bewuste keuze gemaakt omdat is gebleken dat de kinderen door intensieve begeleiding, herhaling en oefening, beter, want sneller gaan lezen. De positieve gevolgen van al onze genoemde nspanningen zijn dat  kinderen aantoonbaar beter zijn gaan lezen. Voor het eerst verlieten alle kinderen het afgelopen schooljaar De Hien me teen beheerste leesvaardigheid op het niveau van AVI 9. Het aantal leerlingen lezend op D en E-niveau, gemeten met de DMT is in twee jaar teruggedrongen van 23 tot 15%. Cijfers allen zijn niet zaligmakend, en tevreden zijn we nog niet. We voelen ons vooral gesterkt als we zwakke lezers als supertrotse kinderen zien, die in drie maanden 2 AVI niveaus vooruitgingen. Dan weet je weer precies waarvoor je als team al deze inspanningen hebt verricht.

Wilt u meer informatie of een afspraak maken?
Neem dan contact op met uw contactpersoon of met een van de regiomanagers
Jacqueline Kenter
Wilma van de Venn
Adviseurs in leren & ontwikkeling
Zoek
Nieuwe Aamsestraat 84a
Postbus 198, 6660 AD Elst
T (0481) 43 93 00
F (0481) 37 49 11
post@marant.nl