Moniek van Drenth, intern begeleider de Laarakker. - Frappant 36 oktober 2008

In september 2007 stond de kleuterbouw van mijn school, de Laarakker, aan het begin van het invoeringstraject van de methode ‘Schatkist’. Door het ontbreken van een compleet en ‘evidence based’ onderwijsaanbod op het gebied van taalontwikkeling en beginnende geletterdheid, was de noodzaak tot verandering bij de directie duidelijk. Enkele groepsleerkrachten zochten ook meer handvatten voor het dagelijkse aanbod, maar er heerste ook het idee van:“Moet dat nu? Doen we het niet goed? Waarom een methode in de kleuterbouw?”
Zo startte onder leiding van Margareth van Kleef (Marant) in september 2007 het invoeringstraject “Schatkist”. Vanuit de directie werd mij als intern begeleider gevraagd om het invoeringstraject op schoolniveau vooral praktisch te ondersteunen. Ik volgde de inhoudelijke bijeenkomsten, zorgde voor verslaglegging en uitvoering van afspraken en kwam ook regelmatig in de groepen.
Ondersteunende rol
In het kader van mijn studie Master Special Educational Needs heb ik in dat schooljaar tevens een praktijkonderzoek gedaan naar het implementeren van de methode ‘Schatkist’ op de Laarakker. Een van de onderzoeksvragen van dit onderzoek luidde als volgt:
“Hoe kun je als intern begeleider een veranderingstraject ondersteunen en begeleiden zodanig dat de verandering ook daadwerkelijk plaats vindt en dat men uiteindelijk op een geslaagde verandering terug kan kijken?”
Mijn praktijkonderzoek heeft geresulteerd in de volgende aanbevelingen voor de rol van de intern begeleider:
Leiderschap
De intern begeleider zal een leiderschapsstijl moeten innemen die zich kenmerkt door de sleutelwoorden:
- inspireren
- stimuleren
- motiveren
Deze leiderschapsstijl kan zorgen dat een leerkracht bereid is om mee te werken aan een voorgenomen verandering. Als de leerkracht inziet dat de verandering noodzakelijk is, vergroot dat de kans dat een leerkracht ook daadwerkelijk meewerkt aan de verandering. Leiderschap betekent beslissingen nemen. Als deze sturing uitblijft, zullen leerkrachten minder meewerken aan de verandering.
Leerkrachtvaardigheden
Het in beeld brengen van de aanwezige competenties en de nog te ontwikkelen competenties op het gebied van interactief taalonderwijs is een goed uitgangspunt voor het peilen van de individuele ondersteuningsbehoefte. Een hulpmiddel hierbij is de digitale competentiescan interactief taalonderwijs. (http://www.expertisecentrumnederlands.nl/). Belangrijke aanbevelingen voor de intern begeleider zijn:
- zorg ervoor dat er een goede samenwerking tot stand komt bij de planning van de activiteiten;
- benadruk de positieve ontwikkelingen zonder de doelstelling uit het oog te verliezen;
- steek in op de organisatie; kleine kring, zelfstandig werken, want zo krijg je meer tijd voor extra instructie;
- ondersteun waar mogelijk, vooral ook op praktisch gebied, zoals het assisteren bij de kleine kring;
- geef veel aandacht aan de voorwaarden om nieuwe organisatievorm te laten slagen, zoals het aanbod in de verschillende hoeken en de afspraken voor zelfstandig werken.
Tijd en middelen
De intern begeleider zoekt in overleg met directie naar voldoende middelen om de methode zo volledig mogelijk aan te schaff en. Het investeren in nieuw materiaal werkt als een stimulans. De intern begeleider zoekt in samenwerking met de kleuterleerkrachten naar keuzes die gemaakt moeten worden in tijd. Daarbij neem je het invoeringstraject als uitgangspunt. De intern begeleider zoekt samen met de leerkrachten naar praktische oplossingen voor het opslaan en ordenen van de materialen.
Weerstand en bereidheid
Met behulp van refl ectie is de intern begeleider in staat om de communicatie met anderen te verbeteren. Denk hierbij aan eigen vooroordelen, aannames, en interpretaties t.a.v. collega’s, die de openheid in de communicatie in de weg staan. Vaardigheden die de intern begeleider moet ontwikkelen bij zichzelf en het team zijn:
- Openheid;
- Feedback kunnen geven en ontvangen;
- Dialoog aangaan i.p.v. discussie;
- Echt geďnteresseerd zijn in de ander.
Werken aan bewustwording
Door als intern begeleider in nauwe samenwerking met de deskundige van Marant het traject van binnenuit te blijven ondersteunen is de kans op het slagen van een invoeringstraject naar mijn mening groter geworden. Door het werken met de methode en de nieuwe organisatievormen worden de leerkrachten zich bewust van het aanbod en vooral van het gebrek aan aanbod dat ze in de vorige jaren gaven aan de kleuters. Het zijn de kleine opmerkingen van mijn collega’s, in de wandelgangen of tijdens de lunch, die stimuleren om dit veranderingstraject tot een goed einde te brengen:
“Ik wist niet dat mijn kleuters dat konden”,
Wouter zei:“Oh, op dat bord staat: De Laarakker!”,
“Je bent nu veel planmatiger bezig” en “Ik leer nog eens wat op mijn oude dag!”
Literatuursuggesties:
De betreffende publicaties zijn beschikbaar bij de basisvoorziening van Marant.
Meer weten? |
Wilt u meer informatie of een afspraak maken? Neem dan contact op met uw contactpersoon of met een van de regiomanagers
|  |